3.16 De diepgang van in whisky geweekte tirades.

Photo by Bob Sala

Scroll this

Nog steeds dansend stonden wij op het balkon, Damian inmiddels met zijn handen op mijn kont terwijl ik uitbundig met mijn armen voor mijn gezicht zwaaide. Voor een seconde waren wij volledig bevrijd van de wereld en opgegaan in Damian zijn succes.  

We stopten pas toen Damian doorhad dat Kyra in de balkondeur stond. 

‘’Hee schat, ik heb goed nieuws! Geweldig nieuws!’’ 

Kyra moest lachend. 

‘’Ben je eindelijk uit de kast gekomen, lieverd? Ik moet zeggen dat ik daar ergens wel op zat te wachten.’’ 

Damian stormde als een blij kind op Kyra af. 

‘’Dat ook, maar dit nieuws is beter dan dat.’’ 

In een enthousiaste zwaai tilde hij Kyra op en gaf haar een dikke zoen. Kyra had overduidelijk geen idee wat er allemaal aan de hand was maar zei er verder niets van, opgaand in de stroom die Damian heette. 

‘’Wat dan?’’ 

‘’Ik ben aangenomen!’’ 

‘’Nee, je maakt een grapje?!’’ 

‘’Serieus!’’ 

Kyra liet een gil los en gaf Damian een intense omhelzing. Ondertussen stak ik een sigaret op en teerde op de vreugde die als vonkjes van hen afspatten. 

‘’Dit..dit moet gevierd worden schat!’’ 

Zonder iets te zeggen zette hij Kyra weer neer en rende het appartement in, om een paar seconden later terug te komen met een fles whisky en drie glazen. Hij zette de fles als een trofee op de goedkope tuintafel, trok de kurk eruit en schonk de glazen tot de rand in. 

Hij gaf mij een van de glazen, de ander aan Kyra en pakte de laatste voor zichzelf. Ergens verwachtte ik dat Damian een speech zou gaan houden over hoe hard hij had gewerkt om zijn doel te bereiken, over alle onzekerheid waarmee hij had geworsteld en het feit dat Kyra hem altijd had gesteund maar toch, wist hij mij elke keer weer te verrassen. 

Damian hief zijn glas en het enige wat hij zei was: ‘’Laten wij vanavond zo dronken worden dat een van ons drie in zijn broek plast!’’ 

In de daaropvolgende momenten dronken we whisky, rookten en praten over van alles en nog wat. Het was zo’n avond dat alles simpel was, samen wegdrijvend op de sporadische positiviteit van het leven. 

Het was zo’n avond dat alle onzekerheid, twijfel en het donker cynisme buiten de deur werd gelaten.  

Na een uur voelde ik mijzelf al behoorlijk dronken en aan de gezichten van Kyra en Damian te zien begon de alcohol ook hen in zijn greep te krijgen. Kyra stond ongebalanceerd op om naar de wc te gaan, ondertussen pakte Damian mijn pakje sigaretten van de tafel en haalde hij er een uit. 

‘’Bob.’’ Zei hij terwijl hij de sigaret aanstak. ‘’Je vindt dit niet kut toch?’’ 

‘’Wat moet ik er kut aan vinden?’’ 

‘’Ja weet ik niet man. Ergens kan ik me bedenken dat het confronterend is om iemand anders zijn succes te vieren terwijl jij nog aan het uitzoeken bent wat jij wilt. Alsof je achterloopt ofzo.’’  

Ik moest lachen. 

‘’Don’t sweat it man. Ik vind het tof dat ik het met jullie mag vieren.’’ 

Damian hield het pakje voor mijn neus en met een, in mijn dronken ogen, vloeiende beweging haalde ik er eentje uit. 

‘’Weet je het zeker?’’ 

‘’Ben nog nooit zo zeker van iets geweest.’’ 

Er kroop een klein glimlachje op Damian zijn gezicht. 

‘’Top, want ik vind het geweldig dat jij erbij bent, man.’’ 

Ik knikte naar Damian en leunde naar achter in de stoel. De inmiddels aangestoken sigaret stopte ik mijn mond en nam een diepe hijs. 

‘’Maar, Bob.., wat ga jij nu doen?’’  

‘’Hoe bedoel je?’’ 

‘’Najah, ik snap dat je even een pauze neemt van alles maar, als een van je goede vrienden, moet ik je wel waarschuwen dat je er niet te lang in blijft hangen. Voor je het weet wil je niets anders en word je over twintig jaar verbitterd wakker, dromend van dat jij jouw leven anders had aangepakt.’’ 

‘’Jezus, Damian. Dat is wel een levendige beschrijving.’’ 

Damian haalde zijn schouders op. 

‘’Het is een van mijn grootste angsten.’’ 

Ik moest lachen. 

‘’De alcohol begint zijn tol bij jou zijn te eisen, volgens mij.’’ 

Zonder verder iets te zeggen zette Damian een grote lach op. Terwijl ik mijn sigaret tussen mijn lippen op en neer rolden keek ik hem aan. 

‘’Maar ik weet het niet, ik denk dat ik maar eens een baantje moet gaan zoeken zodat ik me nog, enigszins, een productief mens voel.’’ 

‘’Ach. Je komt er wel, Bob. Jij bent one of the good guys. Genoeg mensen van onze leeftijd volgen maar het ritme dat ons wordt opgelegd. We moeten de middelbare afmaken, daarna studeren. Misschien nog een master er na en daarna de rest van ons leven werken. Er zijn nog maar weinig mensen die even, vrijwillig of niet, stilstaan om te bedenken wat ze willen. Iedereen is zo bang dat ze niet aan de verwachtingen voldoen dat ze maar paniek keuzes maken. Maar wij, Bob, wij doen dat niet.’’ 

Damian nam een slok van zijn bijna lege glas en leunde naar voren. 

‘’Nee, Bob, wij vechten het goede gevecht.’’ 

 

Vorige post Volgende post