Ik ben weer gelukkig

Scroll this

Ik ben weer gelukkig

Smells like a teen spirit knalt door de speakers van café de Aloys. Normaal zouden we hier nog niet dood gevonden willen worden maar met een flinke dosis alcohol dat in ons bloed is verwerkt en het feit dat er enkele mensen uit ons gezelschap nog niet voldoen aan de 18 jarige leeftijd zijn Bart en ik toch gedwongen om onze haat voor deze alternatieve kroegjes opzij te zetten en er maar een leuke avond van te maken. Waar drank is, is immers avontuur.

Mijn ellebogen leunen op de bar terwijl de ogen van mij en Bart gericht staan op de paal waar Merel en Elena hun vermaak zoeken. Sierlijk bewegen ze beide om de paal en al snel hebben ze de aandacht van de mannen in de hele kroeg. Bart heeft me ooit verteld hoe leuk hij het vond om Merel, zijn vriendin, weg te kapen voor de neus van andere jongens die na een tijdje toch hun moed bij elkaar hebben gesprokkeld om het sierlijke meisje aan te spreken. Aan Bart’s zijn blik te zien wordt deze avond weer het slachtoffer van hun sluwe maar vermakelijke plannen. Al snel wordt de aandacht van onze oogballen opgevraagd door Jeffrey die aan komt wandelen met een dienblad dat gevuld is met shotjes tequila. Het hele gezelschap merkt dat er een nieuwe ronde alcohol is komen aanstromen en enkele tellen later staan we met een tiental man shotjes tequila achterover te slaan bij de bar.

Mijn blik kruist het pad van Bart zijn ogen en het valt me gelijk op dat ‘’De blik’’ weer in zijn ogen gekropen is. Na jaren alcoholische versnaperingen genuttigd te hebben met hem, vele dronken verhalen op te hebben gedaan en enkele ziekenhuis bezoekjes achter ons te hebben liggen kan ik de staat van zijn dronkenschap van zijn gezicht aflezen. En het verhaal wat zij me momenteel vertellen is een verhaal dat hij zich morgen waarschijnlijk zelf niet zal herinneren. Als de shotjes eenmaal zijn geland gaat iedereen weer zijn eigen ding doen, Jeffrey zit in gesprek met Job, Merel en Elena zijn weer terug gekropen naar de paal en ik en Bart zijn beide aan het genieten van een biertje.

Als beide glazen eenmaal leeg op de bar staan valt het me op dat Bart rusteloos wordt. Hij beweegt meer en zijn dronken blik wordt ingewisseld voor een boze blik. Voordat ik hem kan aanspreken stormt hij weg. Ik ren hem achterna

Als ik hem eenmaal heb ingehaald spreek ik hem aan

‘’’Bart! Wat is er?’’

‘’Laat me alleen!’’ zegt hij schreeuwend terug

‘’Nee man, ik kan je zo niet alleen laten’’

‘’Die kut vriendinnen van Merel’’ zegt hij terug terwijl hij met zijn schouder iemand aan de kant beukt ‘’Zij vragen alle aandacht van der op.’’

‘’Je bent gewoon dronken man.”

‘’Nee man, ik ben helemaal niet dronken, laat me alleen!’’

Voor een moment was het mij ontgaan hoe koppig hij af en toe kan zijn.

‘’En dat je weer wakker wordt in het ziekenhuis?’’ zeg ik met een licht geïrriteerde toon ‘’Dat gaat niet nog een keer gebeuren’’

De woorden ‘’Ik ben niet dronken’’ verlaten zijn mond met een dronken slis terwijl hij de trap afloopt richting de fietsen.

‘’Wat ga je nou doen?’’ vraag ik

‘’Mijn fiets pakken en Merel mee naar huis nemen’’ antwoord hij met een koele stem

‘’Het moet altijd moeilijk gaan met jou, he’’ zeg ik terwijl Bart zijn fiets pakt. Hij kijkt me aan en zegt met een lach ‘’Je kent me toch’’.

Na die lach zie ik de rust weer terugkeren in zijn dronken brein en is de boze Bart weer terug in zijn kooi gegooid. Bart, met zijn handen aan de fiets en ik lopen weer de fietsenstalling uit. Als we eenmaal boven zijn glipt de vraag uit mijn mond die ik al de hele avond wou stellen: ‘’Hoe gaat het eigenlijk met je?’’ Hij kijkt me aan en er verschijnt een klein glimlachje op zijn mond. ‘’Beter man, veel beter’’ antwoord hij. Na goed een jaar in een diepe put te hebben gezeten en de ene persoonlijke crisis na de ander te hebben moeten evenaren ziet het erna uit dat hij weer het juiste pad bewandeld. Nadat hij een What’s app naar Merel heeft gestuurd vervolgt hij zijn antwoordt: ‘’Ik ben weer gelukkig man’’

Dit gesprek ging nog enkele minuten verder totdat Merel kwam en het was een van die zeldzame en kristalheldere gesprekken waarin we alles konden bespreken. Er kwamen zelfs enkele herinneringen naar boven drijven. Als ik nu terug kijk naar dit gesprek zie ik in dat dit moment onze kans was om onze laatste woorden te delen, elkaar voor de laatste keer in levende lijven te zien want nog niet eens een week later verongelukte hij. De woorden ‘’Ik ben weer gelukkig man’’ hebben dan ook een mentaal litteken achtergelaten want na zijn eeuwig durende strijd kon hij eindelijk weer genieten van het licht. Hij had eindelijk weer plezier. Hij verdiende dit duistere lot niet.

Submit a comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.